
Les 2: De trans-Atlantische slavenhandel
Inleiding
De trans-Atlantische slavenhandel was een grootschalig systeem waarin miljoenen Afrikanen tot slaaf werden gemaakt, verkocht en naar de Amerika’s werden verscheept. Deze handel was onderdeel van een driehoekssysteem dat Europa, Afrika en Amerika met elkaar verbond.
1. De driehoekshandel
• Europese schepen vertrokken met wapens, textiel en alcohol naar West-Afrika.
• In Afrika werden deze goederen geruild voor tot slaaf gemaakte mensen, vaak gevangen tijdens conflicten of door collaborerende Afrikaanse machthebbers.
• De ‘Middle Passage’ bracht tot slaaf gemaakten onder gruwelijke omstandigheden naar de Amerika’s.
• Vanuit Amerika werden producten zoals suiker, katoen, koffie en tabak terug naar Europa verscheept.
2. De Middle Passage
• De reis over de Atlantische Oceaan duurde 6 tot 8 weken.
• Mensen werden vastgeketend in benauwde ruimten; er was nauwelijks ventilatie, voedsel of medische zorg.
• Het sterftecijfer tijdens de overtocht lag tussen de 10 en 20 procent.
3. Schaal en impact
• Naar schatting werden meer dan 12 miljoen Afrikanen verscheept tussen de 16e en 19e eeuw.
• De impact op Afrikaanse samenlevingen was enorm: ontwrichting van gemeenschappen, geweld, demografische verschuivingen.
• In de Amerika’s ontstonden plantage-economieën gebaseerd op de arbeid van tot slaaf gemaakten.
4. De rol van Europese landen
• Grootmachten als Portugal, Spanje, Nederland, Frankrijk en Engeland speelden een centrale rol in de organisatie van de slavenhandel.
• Handelscompagnieën zoals de WIC (West-Indische Compagnie) in Nederland speelden een actieve rol in transport en verkoop.